Europeanen moeten meer gaan beleggen van de Europese Unie. Afgelopen maandag kwam het nieuws naar buiten dat de unie
mensen wil stimuleren om te gaan beleggen. Inspiratiebron is Zweden, waar beleggen in aandelen inmiddels een volkssport is geworden. In het Scandinavische land belegt inmiddels meer dan de helft van de huishoudens in aandelen. Ter vergelijking: in Nederland is dit slechts 23%. Hoe hebben de Zweden dit voor elkaar gekregen en wat kunnen wij van hen leren? Om alvast een tipje van de sluier te lichten: zie hier op een bierviltje het verschil tussen het Zweedse stelsel en de Nederlandse box 3 in een simpel praktijkvoorbeeld:
Wellicht interessante informatie voor politici die vinden dat het belastingtarief in Nederland te laag is. Toevallig kwam maandag ook GroenLinks-PvdA met
haar verkiezingsprogrammamet daarin lastenverzwaringen voor beurs, beleggers en bedrijven. Ze is niet de enige, bijna alle partijen willen vermogen zwaarder belasten. In dit artikel vergelijken wij de Zweedse box 3 met de Nederlandse vermogensrendementsheffing. Zie de sommetjes hierboven: waarin zitten de soms kleine verschillen die uiteindelijk zo groot uitpakken?
EU wil beleggings- en vestigingsklimaat verbeteren
Dat de EU zich zorgen maakt over het beleggingsklimaat valt te begrijpen. Amerikaanse aandelen renderen de afgelopen decennia beter dan Europese beleggingen, veel Europese (tech)bedrijven vertrekken naar de VS en de vier grootste Amerikaanse ondernemingen binnen de S&P500 zijn meer waard dan de gehele Stoxx Europe 600. Nvidia, Microsoft, Apple en Alphabet kennen met zijn vieren een beurswaarde van €12,1 biljoen (€12.100 miljard), terwijl de brede Europese aandelenindex niet verder komt dan €11,6 biljoen. Daar komt bij dat het verschil in waardering tussen Amerikaanse en Europese bedrijven steeds verder oploopt. Wie graag een hoge waardering wil, moet een beursnotering aanvragen in de VS en niet in Europa. Dit in combinatie met de toenemende regeldruk in Europa is voor menig bedrijf reden om te vertrekken. Zie het nieuws van vandaag, AEX-component Aegon overweegt ook een vertrek naar de VS. De EU wil het vestigingsklimaat verbeteren dus moeten er meer Europeanen gaan beleggen. [caption id="attachment_37910" align="aligncenter" width="960"]

Dit zijn de rentes op 2- en 10-jaars staatsrentes. De rentes zijn te weinig om er uw box 3 belasting mee te betalen. U moet dus betalen omdat u zo aardig bent om de Nederlandse staat voor te schieten en daarover loopt u ook nog eens een complete hoofdsomrisico[/caption]
Zweden niet blij met vermogenswinstbelasting
Wij waren maandag stomverbaasd dat Zweden als gidsland werd genoemd. Het Scandinavische land staat bij ons bekend als een van de meest socialistische landen ter wereld. Socialisme en beleggen zijn in de regel geen begrippen die goed met elkaar matchen. Maar we hebben het mis. De Zweden begonnen zich aan het begin van het vorige decennium steeds meer te irriteren aan de belastingheffing op basis van werkelijke rendementen. De vermogenswinstbelasting was complex en mensen gingen het betalen van belasting uitstellen door winstgevende aandelen lang vast te houden. Tevens schommelden de belastinginkomsten ook nog eens flink.
Het investeringsparkonto
Om deze problemen te tackelen, voerde de Zweedse regering in 2012 het Investeringsparkonto in. Een investeringsparkonto is een kruising tussen een spaarrekening en een beleggingsrekening. In feite kunt u op deze rekening zowel sparen als beleggen. Om beleggers aan te moedigen zo’n rekening te openen, heeft de Zweedse overheid dit investeringsparkonto fiscaal aantrekkelijk gemaakt.
Zweden voert het fictieve rendement in
De Zweedse fiscus koos voor een oplossing die voor ons Nederlanders bekend in de oren klinkt: de invoering van een fictief rendement. De hoogte van het fictief rendement wordt berekend door te kijken naar de hoogte van de Zweedse tienjaarsrente en hier een opslag van 1% op te plakken. Momenteel bedraagt de Zweedse vergoeding op tienjaars staatspapier 2,4%. We tellen hier 1% bij op, waarmee het fictief rendement uitkomt op 3,4%. Hierover wordt een belasting geheven van 30%, waarmee jaarlijks effectief 1,02% over de waarde van het vermogen in het investeringsparkonto wordt geheven. Sinds dit jaar geldt er een vermogensvrijstelling van 150.000 Zweedse kronen (€13.500) en die wordt in 2026 verdubbeld tot 300.000 Zweedse kronen (€27.000). [caption id="attachment_37913" align="aligncenter" width="960"]

In tegenstelling tot de meest andere westerse landen - de VS, Japan, Frankrijk en Italië voorop - daalt onze staatsschuld in percentage van het BBP. Zeg maar hoe hard het nodig is om vermogen extra te belasten[/caption]
Zweedse box 3 niet in strijd met EVRM
De eerste logische vraag die vermoedelijk in u opkomt luidt: is dit niet in strijd met het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM)? De Zweden hebben hier - in tegenstelling tot Nederland - wel aan gedacht. Het land heeft de vermogenswinstbelasting namelijk gewoon laten bestaan. Dit betekent dat mensen kunnen kiezen welk fiscaal systeem het beste bij hem/haar past. Wie denkt dat hij een hoger rendement behaalt dan 3,4% kan zijn vermogen beter in het investeringsparkonto zetten en wie rekent op een laag rendement kiest juist voor de vermogenswinstbelasting. In de praktijk betekent dit dat spaarders veelal voor de vermogenswinstbelasting kiezen en beleggers voor de investeringsparkonto. Beleggers nemen daarmee op de koop toe dat zij bij tegenvallende rendementen wel belasting moeten betalen over het fictieve rendement (geen tegenbewijsregeling). Het schuiven van geld heeft ook weinig zin, want de belastingplicht wordt per kwartaal berekend. Het geld in het investeringsparkonto is vrij opneembaar, ofwel wanneer u denkt een slechte langetermijnbelegger te zijn, dan kunt u nog altijd kiezen voor de vermogenswinstbelasting.
Nederland bewandelt de omgekeerde weg
In tegenstelling tot Zweden wil de Nederlandse politiek juist van de fictieve rendementen af. In 2021 oordeelde de Hoge Raad dat de methode waarop vermogens in box 3 worden belast in strijd is met het EVRM. De Nederlandse politiek moest dus met een nieuw belastingsysteem op de proppen komen. Na eindeloos soebatten heeft de regering voor spaarders en beleggers in aandelen en obligaties gekozen voor een vermogensaanwasbelasting. Het nieuwe systeem gaat - als de implementatie op rolletjes verloopt - van start in 2028. Hiermee zijn we uniek in de wereld, want een vermogensaanwasbelasting betekent dat ook niet gerealiseerde rendementen worden belast.
Belastingvrijstelling lager dan maandsalaris van een vakkenvuller
De meeste landen in de wereld kennen een vermogenswinstbelasting. Bij een vermogenswinstbelasting vindt de belastingheffing pas plaats nadat de winst daadwerkelijk is gerealiseerd. Ook het belastingtarief van 36% over de behaalde vermogenswinst is uitzonderlijk. Er is geen land in Europa dat een dergelijk hoog percentage hanteert. Wel geldt er vanaf 2028 een heffingsvrij rendement van €1.800, al kunnen we niet zeggen dat dit een monsterbedrag is. Dit komt namelijk neer op het bedrag dat een gemiddelde vakkenvuller na drie weken verdient bij de Albert Heijn.
Nederlandse belegger bouwt minder vermogen op dan Zweedse belegger
Aan de toon van het artikel kunt u waarschijnlijk al opmerken dat wij enthousiaster zijn over het Zweedse stelsel dan de Nederlandse box 3. Wij keren terug bij het rekenvoorbeeld aan het begin van dit betoog. De onderstaande afbeelding toont aan waarom. Nogmaals, in het fictieve scenario waarin u €100.000 belegt en hiermee jaarlijks een bruto rendement behaalt van 8%, bouwt u in Zweden na 30 jaar een vermogen op van €824.954. In Nederland eindigt u met een vermogen van 529.436. Dit is 36% minder dan dat u met het Zweedse systeem bewerkstelligt. Was er geen vermogensrendementsbelasting geweest, dan was het vermogen overigens gestegen tot €1 miljoen. U hebt het percentage vast onthouden: de Nederlandse box 3 drukt het vermogen na 30 jaar met 47%. Houd er wel rekening mee dat het gaat om een fictief scenario, zo rekenen wij in de Zweedse situatie met een fictief rendement dat gelijk blijft op 3,4%. Aangezien de Zweedse tienjaarsrente dagelijks schommelt, zal het fictief rendement in werkelijkheid afwijken van 3,4%. Het kan hoger zijn, maar ook lager. Daarnaast weten we niet hoe de belastingvrije voet zich in de toekomst ontwikkelt. Kortom, we werken nu met de cijfers waarover we momenteel beschikken. [caption id="attachment_37907" align="alignnone" width="1200"]

Vermogensontwikkeling Zweedse en Nederlandse belegger over een periode van 30 jaar[/caption]
Nederland moet voorbeeld aan Zweden nemen
De Zweden hebben de juiste fiscale maatregelen genomen om mensen aan het beleggen te krijgen. De investeringparkonto is eenvoudig en voor beleggers fiscaal gunstig. Ook met spaarders is rekening gehouden, zo mogen zij gebruikmaken van de vermogenswinstbelasting. Hier staat tegenover dat de Zweedse overheid dankzij de invoering van fictieve rendementen profiteert van voorspelbare belastinginkomsten. In Nederland is box 3 daarentegen een grote chaos. De overheid heeft zijn handen vol met de tegenbewijsregeling en beleggers zijn boos over de hoogte van de vermogensbelasting. De Nederlandse overheid doet er daarom verstandig aan om het Zweedse voorbeeld te volgen. Of dit gaat gebeuren, betwijfelen we ten zeerste. Een ruime meerderheid van de Tweede Kamer wil de belasting op vermogen verder verhogen en definitief afscheid nemen van de heffing op basis van fictieve rendementen. Sterker nog: de kans bestaat dat er nog nieuwe belastingen bijkomen, zoals een belasting op zowel aandeleninkoop als de handel in aandelen. Maatregelen die haaks staan op de wens van de EU: het verbeteren van het beleggingsklimaat in Europa.






